woensdag 4 juli 2012

Opera 2 juli 2012: Parsifal van Richard Wagner


Wagner: Parsifal

Alejandro Marco-Buhrmester (Amfortas)
Mikhail Petrenko (Titurel/Klingsor)
Falk Struckmann (Gurnemanz)
Christopher Ventris (Parsifal)
Petra Lang (Kundry)

Koor van De Nederlandse Opera
Iván Fischer, Koninklijk Concertgebouworkest
Het Muziektheater, Amsterdam

Hoewel Richard Wagner (1813-1883) bijna 130 jaar dood is, is zijn impact nog altijd merkbaar. Zijn opera's, die hij zag als de vereniging van alle kunsten ('gesammtkunstwerk'), zijn in de wereld van muziek in het algemeen en in de operawereld in het bijzonder nog altijd dominant. Niet voor niets is een opvoering van een opera van zijn hand, en dan met name de latere opera's, een 'happening' waar iedere dirigent altijd zeer vereerd is om (urenlang) op de bok te (mogen) staan. Het feit dat alle uitvoeringen van Parsifal bij De Nederlandse Opera zijn uitverkocht, spreekt boekdelen. Sterker nog: Parsifal is voor mij het begin van een speciaal Wagner-abonnement dat drie seizoenen omvat. In dit staartje van het 2011/2012-seizoen Parsifal gevolgd door de eerste helft van Der Ring des Nibelungen (Das Rheingold en Die Walküre) en Die Meistersinger von Nūrnberg in het 2012/2013-seizoen en afgesloten met de laatste twee delen uit Der Ring, Siegfried en Götterdämmerung, in het 2013/2014-seizoen.

Binnen het oeuvre van Wagner neemt Parsifal een bijzondere plaats in. Na alle rusteloze jaren en het gigantische werk om de vier delen van Der Ring des Nibelungen te creëren alsmede zijn eigen muzikale Walhalla dat volledig gewijd is aan zijn werk: de Bayreuther Festspiele in Bayreuth zou Parsifal Wagner's laatste opera zijn. En was door hem bedoeld om alleen in Bayreuth op te voeren. Hij benoemde het 'ein Bühnenweihfestspiel' vanwege diens gewijde materie en mocht derhalve nooit buiten Bayreuth worden opgevoerd. In 1903 besloot de Metropolitan Opera van New York hier geen gehoor aan te geven en sindsdien is Parsifal ook buiten Bayreuth te bewonderen.

En met dank aan die eerste actie van de Metropolitan Opera is Parsifal ook al vaak te horen geweest in Nederland en nu in een nieuwe productie van De Nederlandse Opera. Een productie die door het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO) in de orkestbak natuurlijk al bij voorbaat kans maakt om tot een prachtige uitvoering te verworden. Op de bok ditmaal Iván Fischer die zijn debuut maakt bij De Nederlandse Opera, maar al wel eerder was te horen bij het KCO. Fischer viert inmiddels al jarenlang successen met zijn eigen orkest: het Budapest Festival Orchestra. In 2010 hoorde ik Fischer al eens bij het KCO in het kader van de Mahler-serie. Diens Mahler 4 kon me niet zo bekoren hoewel zijn opname ervan met zijn Budapest Festival Orchestra vele prijzen heeft gewonnen (zie hier voor mijn bespreking van de volledige Mahler-serie van het KCO). Mijn verwachtingen waren toen wellicht te hoog gespannen. Nu waren mijn verwachtingen voor deze uitvoering ook buitengewoon hoog en ik kan niet anders concluderen dat De Nederlandse Opera een prachtige productie heeft neergezet. Onderstaand interview met Fischer, gelardeerd met muziek en beelden van deze productie, geeft een beeld:


Het knappe aan deze uitvoering was het feit dat de ongebroken muzikale lijn die Parsifal in feite is prachtig werd uitgevoerd door het KCO. Ook de prestaties van de zangers waren 'top notch'. Aan het begin van de derde akte werd nog medegedeeld dat Falk Struckmann al langer kampt met een verkoudheid die gaandeweg de avond verder doorzette en daarom gevolgen kon hebben voor zijn zingen. Er was echter niets van te merken en hij zette een prachtige Gurnemanz neer. Los van de muzikale kwaliteit ook wat woorden voor het opvallende decor van Anish Kapoor. Hier was in de aanloop veel om te doen aangezien Kapoor een gerenommeerde moderne kunstenaar is. Zijn aparte decor kon mijn goedkeuring wegdragen. Met name in de tweede akte waarvan de foto bij de recensie een prachtige uiting is. Door het simpele feit van het ophangen van een grote ronde 'spiegel' kwam deze akte helemaal tot leven en werden door kleine ingrepen (de zangers die werden gereflecteerd, maar ook een simpele vlam) passende effecten gecreëerd. Sowieso was voor mij de tweede akte ook muzikaal, op de prachtige prelude tot de eerste akte na, het hoogtepunt. Dat heeft overigens ook met de duur van Parsifal te maken: het is een flinke zit van ruim vier uur, pauzes niet meegerekend. Een ander minpunt(je) is het verhaal van Parsifal. Het verhaal handelt over verlossing en kent een overduidelijke religieuze connotatie met de verwerking in het verhaal van de Heilige Graal en de Heilige Lans (speer). Het verhaal zelf heeft eigenlijk weinig om het lijf en, in tegenstelling tot de andere opera's van Wagner en dan met name de opera's van de Ring, er gebeurt ook heel erg weinig binnen die vier uur. Het verhaal doe ik hier verder niet uit te doeken, daarvoor verwijs ik naar de site van De Nederlands Opera

Ondanks deze minpuntjes had ik deze productie voor geen goud willen missen. Je moet even wat zitvlees kweken en een beetje door het verhaal heen kijken, maar dan wordt je ook beloond met vier uur prachtige vloeiende muziek uitgevoerd door een topensemble waar menig internationaal operahuis jaloers op zou zijn. Ik kan niet wachten, doch mijn achterwerk nadrukkelijk wel, op de volgende Wagner-opera's die de komende jaren bij De Nederlandse Opera zijn te bewonderen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen