donderdag 3 januari 2013

'Masterclass': de fotografie van Arnold Newman (1918-2006)

Igor Stravinsky, 1946 © Arnold Newman

Liefhebbers van musea weten al sinds jaar en dag dat het meer dan de moeite waard is om het centrum van Den Haag links te laten liggen en af te reizen naar het Statenkwartier voor het door Berlage ontworpen Gemeentemuseum. Wat velen wellicht niet weten is dat het Gemeentemuseum al sinds jaar en dag samenwerkt met GEM, het museum voor moderne kunst, en het Fotomuseum Den Haag die onderdeel uitmaken van hetzelfde museumcomplex. Natuurlijk trekt het Gemeentemuseum de meeste aandacht, zeker nu een deel van de permanente collectie van het aan een verbouwing begonnen Mauritshuis tijdelijk aldaar huist. Toch is er veel meer te zien en dit geldt met name voor het Fotomuseum.

Tot en met 13 januari 2013 biedt het Fotomuseum een retrospectief van de Amerikaanse fotograaf Arnold Newman (1918-2006). Newman is vooral bekend vanwege zijn portretten van tal van prominente politici, artiesten, schrijvers en schilders Igor Stravinsky, John F. Kennedy, Salvador Dali, Marilyn Monroe, Ayn Rand, Christian Dior, Piet Mondriaan en Truman Capote.

Het schijnt dat Newman bij het opstellen van zijn eigen tentoonstellingen dan ook vooral de aandacht liet uitgaan naar dergelijke grote namen. Hij was in de veronderstelling dat hun bekendheid een extra dimensie gaf aan zijn foto’s waardoor zijn foto’s met de mindere goden minder vaak te zien zijn geweest. Nu Newman is overleden en daarmee zijn kritische bejegening van zijn eigen werk niet meer in zijn eigen handen rust, maar in dat van conservatoren is met het retrospectief Masterclass: Arnold Newman (1918-2006) een andere keuze gemaakt.

In het Fotomuseum is daarom een prachtige selectie te zijn uit de meer dan 8.000 foto’s die de collectie van Arnold Newman omvat. Het retrospectief bestaat met name uit portretfoto’s al ontbreekt ook een aantal van zijn stillevens niet. En natuurlijk zijn foto’s van celebs zoals John F. Kennedy en Marylin Monroe te bewonderen, maar juist ook vergeten artiesten en captains of industry.

De kracht van het werk van Newman zit in zijn gebruik van de omgeving als integraal onderdeel van het portret. Sterker nog: vaak gebruikt Newman iets kenmerkends van de geportretteerde. Dit leidt tot bijvoorbeeld een meesterlijke foto van Stravinsky waarbij de piano, Stravinsky was naast componist ook pianist, domineert, maar tevens het modernistische van de muziek van Stravinsky weergeeft. Een foto van Piet Mondriaan lijkt juist weer een vertaling van zijn abstracte schilderkunst terwijl John F. Kennedy wordt omringd door adviseurs die enerzijds lijken te bestaan uit true believers meegekomen naar het Witte Huis en anderzijds de van staatswege al zittende adviseurs die ten dienste staan van de bekleder van de functie wie dat ook moge zijn.

Een ander kenmerk van het werk van Newman is zijn gewoonte om een eenmaal genomen foto bij ontwikkeling te onderwerpen aan cropping. Daarmee wordt het gewenste beeld gesneden uit de originele foto. Newman zag het maken van de foto dus als een onderdeel van zijn artistiek proces en niet als sluitstuk.

Een veelgehoorde kritiek op Newman is dat hij zijn subjecten (te) flatteus portretteerde. Zo is ook een prachtige foto te zien van de Amerikaanse industrieel David Rockefeller die maar met één woord is te omschrijven: power. Hetzelfde geldt voor de, op een magistrale biografie door Lyndon Johnson-biograaf Robert Caro na, vergeten Master Builder van New York Robert Moses. Newman fotografeerde Moses voor de skyline van New York staande op een smalle ijzeren balk op het water. Een moderne Jezus staand voor de bouwwerken die hijzelf mogelijk maakte. Kritische foto’s zijn er ook: de naargeestige foto van de veroordeelde nazi Alfried Krupp, telg uit de bekende Duitse familie van industriëlen, spreekt wat dat betreft boekdelen.

Naast foto’s van bekende Nederlanders zoals Willem de Kooning en Piet Mondriaan zal met name de foto van een contemplatieve Otto Frank in het Achterhuis na de Tweede Wereldoorlog voor veel bezoekers indrukwekkend zijn.

Arnold Newman mag dan een fotograaf zijn geweest die met name ‘binnen de lijnen’ opereerde, hij koos daarbinnen wel zijn eigen lijn en daarin ligt zijn succes besloten en de reden om naar het Haagse Statenkwartier af te reizen.


‘Masterclass: Arnold Newman (1918-2006) is nog tot en met 13 januari 2013 te zien in het Fotomuseum Den Haag. Het retrospectief is gestart in het C/O Berlin en is nog te zien in het Harry Ransom Center van de Universiteit van Texas in Austin (februari-mei 2013) en het San Diego Museum of Art (juni-september 2013). Meer info op de website van het Fotomuseum Den Haag.


Deze recensie is ook gepubliceerd op Het Goede Levenhet culturele katern van De Dagelijkse Standaard.  Naast mijn eigen FerdiBlog recenseer ik regelmatig o.a. boeken en concerten op Het Goede Leven en geef ik mijn opinie over actuele (cultuur)politiek.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen