zaterdag 20 februari 2016

Het Tsarisme van Kameraad Poetin. 'De wraak van Poetin' van Hubert Smeets


‘We wilden het betere, we kregen het gebruikelijke’. Viktor Tsjernomyrdin, premier onder Jeltsin, vat tragikomisch de geschiedenis van tsaristisch, communistisch en hedendaags Rusland treffend samen. Met De wraak van Poetin heeft journalist Hubert Smeets een intrigerende beschouwing geschreven van het hedendaagse Rusland dat in veel opzichten geen steek veranderd is. Tel daarbij een schat aan heerlijke anekdotes en boutades zoals die van Tsjernomyrdin op waardoor Smeets ongetwijfeld aan kop gaat in de recente stortvloed aan boeken over Rusland in het algemeen en Vladimir Poetin in het bijzonder. 

Als correspondent voor NRC Handelsblad in Moskou tekende Hubert Smeets (1956) de ondergang van de Sovjet-Unie in 1991 op en daarmee het einde van de Koude Oorlog. Sinds die tijd volgt Smeets Rusland op de voet en met De wraak van Poetin vertrouwt hij zijn fascinatie voor en kennis over dit vreemde land aan een nieuw lezerspubliek toe. Want met De wraak van Poetin geeft Smeets inzicht in een geschiedenis die gedoemd lijkt te zijn zich telkens te herhalen en verklaart waarom de verhouding tussen Rusland en de Westerse wereld in het algemeen maar die met Europa in het bijzonder in zo’n korte tijd verstoord is geraakt. Een land dat altijd – weliswaar aan de randen – onderdeel heeft uitgemaakt van de Europese geschiedenis en met de komst van achtereenvolgens Gorbatsjov en Jeltsin hard op weg was naar Europeanisering, maar onder Poetin het meest doet denken aan vervlogen Tsaristische én communistische tijden. 

Russkiy Mir
Smeets neemt op onnavolgbare wijze de lezer mee op een ontdekkingsreis door de tumultueuze geschiedenis van Rusland sinds de implosie van de Sovjet-Unie. En passant schroomt hij – indachtig de woorden van Tsjernomyrdin - niet om de recente ontwikkelingen in het perspectief van de geschiedenis te plaatsen. Want hoewel op het eerste gezicht het Russische Rijk (1721-1917), de Sovjet-Unie (1922-1991) en de Russische Federatie (1991-heden) weinig met elkaar gemeen hebben, ontwaart Smeets overtuigend een tweetal thema’s die bepalend zijn voor het volk en het gebied dat deze drie systemen bindt. Ten eerste de geschiedenis van Rusland als koloniale macht. Een koloniserende macht niet in de gebruikelijke overzeese variant zoals bij de Britten, Fransen of Nederlanders, maar een territoriaal kolonialisme dat op het hoogtepunt ongeveer een zesde van het totale landoppervlak op aarde beheerste. Juist in dat perspectief moeten de woorden van president Poetin worden gezien toen hij de ondergang van de Sovjet-Unie betitelde als de grootste geopolitieke tragedie van de twintigste eeuw. Onder dezelfde noemer valt ook het door Poetin gepropageerde unieke karakter van Rusland dat Europees noch Aziatisch is. Een exceptionalisme dat door Poetin wordt ondersteund via de stichting Russkiy Mir (letterlijk: Russische Wereld) waar de woorden van Tsarina Catharina de Grote (1729-1796) in lijken door te galmen: “Rusland is een kolos. Het is zelfs geen land: het is een universum”.

De Staat is alles
In dat universum spelen de inwoners van Rusland en de andere voormalige Sovjetrepublieken een beperkte en vooral ondergeschikte rol. Want van de horigheid onder de Tsaren, de “gelijkheid” onder de Sovjet-Unie tot aan de “kleptocratie” van Poetin er is nooit sprake van burgers, maar slechts van onderdanen. Onderdanen die feitelijk niet meer zijn dan productiemateriaal en voor wie de Staat alles is. Een staat die wordt geregeerd door een corrupte regering, met aan het hoofd de onaantastbare en immer populaire president Vladimir Poetin. Juist in deze rode draad van Russisch kolonialisme en exceptionalisme en de burger als onderdaan laat zich volgens Smeets de huidige crisis rondom Oekraïne verklaren. Want een Oekraïne buiten de invloedssfeer van Rusland versterkt de angst voor “omsingeling” door vijanden terwijl Oekraïne tegelijkertijd het strijdtoneel is van de keuze voor de (westers en Europees georiënteerde) burger en de (door Rusland beïnvloede) onderdaan. Het is niet zonder reden dat Smeets daarom overtuigend aantoont dat Poetin de Europese Unie als een groter gevaar ziet dan de NAVO. Want het idee van Europa is misschien wel het meest schadelijke wapen dat Poetin kan bedenken. Overigens zou een Europa waar de grenzen van de Europese Unie en die van de NAVO – hoe onvoorstelbaar ook – samenvallen Poetin tot de allergrootste wanhoop drijven. Niet zonder reden dat Viktor Tsjernomyrdin al eens stelde “we zullen nog eens zo leven dat onze kleinkinderen en achterkleinkinderen jaloers op ons zijn”. Voorwaar een angstige gedachte, maar juist alle reden om de speurtocht van Hubert Smeet door het Russische universum te lezen.

Oordeel FerdiBlog: ****

‘De wraak van Poetin. Rusland contra Europa’ van Hubert Smeets en uitgegeven door Prometheus is in november 2015 verschenen. Deze recensie is eerder verschenen bij online nieuwsmagazine Jalta.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen