woensdag 15 februari 2017

Robert Kaplan's tussendoortje over de natuurlijke dominantie van de VS


Met de eerste tumultueuze weken van het presidentschap van Trump achter de rug is Robert Kaplan’s nieuwste boek meer dan tijdig. Want in De verovering van de Rockies maakt Kaplan haarfijn duidelijk waarom de geografie van de Verenigde Staten tot globale dominantie heeft geleid en het tegelijkertijd onmogelijk is voor deze eigentijdse hegemoon zich van die wereld af te wenden. 

Robert Kaplan (1952) is een opgeruimd man. Met ijzeren discipline publiceert hij zo ongeveer om de twee jaar een nieuw boek gericht op de internationale betrekkingen. Van de Balkan en Roemenië tot de Zuid-Chinese Zee en de bepalende rol van geografie, geen onderwerp is Kaplan vreemd. Tegelijkertijd zijn deze boeken ook halve reisverslagen waar zijn persoonlijke ervaring de thematiek kleurt. Geen man van overdrijvingen en al helemaal niet van uitgebreide beschrijven blijven de meeste van zijn boeken onder de 300 pagina’s. Zijn discipline is zo ver doorgevoerd dat bij de presentatie van zijn vorige boek In Europe’s Shadow (in Nederland uitgegeven als Duister Europa) hij meldde dat zijn volgende boek al gereed was. Een boek over de Rocky Mountains en de impact daarvan op de Verenigde Staten als wereldspeler. Een jaar later en niet geheel toevallig rond de inauguratie van Donald J. Trump tot 45e President van de Verenigde Staten is daar dan De verovering van de Rockies. Hoe haar geografie de rol van de Verenigde Staten in de wereld bepaalt. Een beschouwing van Kaplan over het effect van de geografie op de ziel én de natuurlijke dominantie van de Verenigde Staten. Maar vooral een beschouwing voortgekomen uit een hernieuwde kennismaking met zijn thuisland geïnspireerd door zijn vader en met dank aan eerder werk van historicus Bernard DeVoto en de natuurlijke barrières die de Manifest Destiny van de Verenigde Staten belichamen.

Kaplan op reis
Kaplan reist voor zijn boeken heel de wereld over, maar de reislust begon in zijn eigen land toen hij als jonge jongen door zijn vader op sleeptouw werd genomen. Toen hij achttien jaar was liftte hij al eens van New York naar de Westkust. Inmiddels is Kaplan de zestig ruim gepasseerd en onderneemt hij opnieuw deze reis. Ditmaal om de macht en het karakter van de Verenigde Staten te beschouwen. Een beschouwing die vooral ook persoonlijk en anekdotisch van aard is om de veranderingen in de diverse dorpen en steden te zien en te horen waar de inwoners van de Verenigde Staten zich over op winden en wat hen bezig houdt. Een reis die weliswaar geïnspireerd is door zijn vader, maar een inhoudelijke aftrap kent bij het werk van Bernard DeVoto (1897-1955). Deze Amerikaanse historicus was gespecialiseerd in de geschiedenis van het Amerikaanse Westen en vormt – in de woorden van Kaplan – de centrale figuur in Kaplan’s kijk op Amerika en van daaruit op de rest van de wereld. Deze twee vaders in combinatie met de weidsheid van het Amerikaanse landschap brengen Kaplan tot de conclusie dat de geografie bepalend is geweest – in mindere mate door de technologische ontwikkelingen – en nog altijd is voor de dominantie van de Verenigde Staten. Niet alleen omdat door het overwinnen van de Great American Desert en de Rocky Mountains de vroege Amerikaanse kolonisten de Verenigde Staten omvormden tot een geografische moloch met grote potentie, maar ook omdat het bepalend is geweest voor het Amerikaanse karakter. Een can do-mentaliteit die in combinatie met de geografische dominantie de Verenigde Staten heeft doen ontstaan die al bijna een eeuw lang de dominante wereldmacht is. 

Het land van Trump
Een land dat door de omvang en ligging geïsoleerd is van de rest van de wereld, maar tegelijkertijd er ook toe gedwongen wordt om verantwoordelijkheid voor die wereld te nemen. Een land dat in weerwil hiervan voor het grootste deel – net als president Jackson – gelooft in eer, God en het leger. Een land met elites in Washington en New York die zich bezig houden met buitenlandse politiek en grofweg zijn te onderscheiden als Wilsonians (de idealisten die de democratie en het internationaal recht voorstaan), de Hamiltonians (de realisten met een ijzeren geloof in handel) en de Jeffersonians (die vooral de democratie thuis willen perfectioneren zonder zich expliciet op het buitenland te willen richten). Een land dat gekozen heeft voor Trump en waar Kaplan – mede vanwege het feit dat het boek ruim voor diens verkiezing is geschreven – in de marge aandacht aan geeft door anekdotisch te verhalen over wat hij de gesprekken die hij tijdens zijn reis heeft opgevangen. Gesprekken in Amerikaanse steden die van elkaar verschillen als dag en nacht: van de deprimerende en werkloze kolenstad Wheeling in West Virginia tot de internationaal georiënteerde universiteitsstad Bloomington, Indiana. In krap 200 pagina’s poneert Kaplan veel en geeft hij nog meer stof tot denken. Opvallend daarbij is wel dat de gestructureerdheid van dit boek minder is dan zijn vorige boeken en dat de combinatie van reisverslag, geografische verhandeling en persoonlijke geschiedenis onevenwichtigheid brengt. Want zijn reis van duizenden en duizenden kilometers wordt teruggebracht tot enkele waarnemingen van een aantal steden en vergezichten tijdens die reis. Het krijgt daarmee het karakter van een tussendoortje dat wellicht tot meer had kunnen worden uitgewerkt, maar desalniettemin een fijne verhandeling is over de natuurlijke dominantie van de Verenigde Staten en de factoren die daartoe geleid hebben en inzicht geven in een land dat nog altijd uitgaat van een Manifest Destiny. Zeker nu is dat geen overbodige luxe. 

Eind januari is ‘Earning the Rockies’ van Robert Kaplan verschenen. Recent is de Nederlandse vertaling ‘De verovering van de Rockies’ door vast Kaplan-vertaler Margreet de Boer verschenen bij Unieboek|Het Spectrum. Deze recensie is ook verschenen bij online nieuwsmagazine Jalta.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen