woensdag 29 juni 2011

OpinieBlog: De Culturele Loopgravenoorlog


De discussie over de bezuinigingen op cultuur is verzand in een karikaturale loopgravenoorlog tussen cultuurbarbaren en subsidieslurpende luie kunstenaars. Het moment van het definitieve besluit is dichtbij. Halbe Zijlstra heeft nog maar kort de tijd om de loopgraven te verlaten en de cultuursector bij te laten dragen aan de bezuinigingen mèt behoud van de culturele kwaliteit en diversiteit.

Dat bezuinigd moet worden op cultuur ontkent, behalve Frits Bolkestein, helemaal niemand meer. In de aanloop naar de presentatie van de cultuurplannen van staatssecretaris Zijlstra is gepoogd, onder andere door de Raad voor Cultuur, om de invulling van bezuinigingen te beïnvloeden. Duidelijk is geworden dat dit niet gelukt is en de geloofwaardigheid van de Raad staat daarmee op de tocht. Tegelijkertijd heeft Zijlstra zich laten gelden als een staatssecretaris die vooral zijn eigen plan volgt en zich weinig gelegen laat aan het ‘veld’. Het debat met de kamer van afgelopen maandag bevestigde dit beeld alleen maar. Zelfs moties van de coalitie konden niet op steun rekenen, slechts beperkte sympathie omdat in de ogen van Zijlstra financiële dekking ontbrak. Deze onverstoorbaarheid is geen slechte eigenschap voor een bewindspersoon, maar Zijlstra slaat daar in door. Niet in de laatste plaats om vooral toch in diverse interviews te laten blijken dat hij weinig op heeft met cultuur. Daar is niks mis mee, maar van een bewindspersoon mag toch verwacht worden dat na benoeming in ieder geval een poging wordt gedaan om die kennis te vergroten. We zouden het toch ook niet van minister Schippers accepteren wanneer zij zou stellen dat de Nederlandse gezondheidszorg wel leuk en aardig is, maar ze zelf het graag houdt bij homeopathie.

 
Zijlstra stelt terecht criteria aan de cultuursector: kwaliteit, bereik, maatschappelijke activiteit, talentontwikkeling en financiën. De fout die hij daarbij maakt is dat zijn beleid hinkt op twee gedachten. Naast de criteria bepaalt hij ook hoeveel orkesten, dansgezelschappen, toneelgroepen etc. er mogen zijn en hoeveel de te behalen bezuiniging moet zijn. Gekoppeld aan een onhaalbare termijn. Als een ensemble zou voldoen aan die criteria, moet Zijlstra ook in de buidel tasten, anders is zijn visie slechts een wassen neus voor het doorvoeren van bezuinigingen. Wanneer de sector, meer dan nu, haar eigen broek moet ophouden, zou het in de lijn van verwachting liggen dat een beoogde bezuiniging wordt gekoppeld aan concrete fiscale maatregelen die het mecenaat voor de sector vergroot. Het slechts kijken naar de mogelijkheden is niet genoeg. In de V.S. wordt de sector voor het overgrote deel door particulieren in stand gehouden. Maar dat is ook een stuk makkelijker aangezien de V.S. een historisch lage belastingdruk en aantrekkelijke fiscale maatregelen voor het mecenaat kennen. Nederland mag dan geen ‘culture of giving’ hebben, maar het feit dat het hoogste belastingtarief 52% is, helpt niet. Ook de BTW-verhoging is in tegenspraak met een meer op de markt gerichte cultuursector. Voor een liberaal een vreemde stellingname.

Het jammere aan de discussie is dat de redelijkheid in de cultuursector, verwoordt door de Raad van Cultuur maar ook prominente kunstenaars zoals Carine Crutzen, overschreeuwd wordt door lieden die klassiek links lijken te vertegenwoordigen en protesteren tegen in hun ogen rabiaat rechts. De Mars der Beschaving heeft waarschijnlijk meer steun gekost dan opgeleverd. Ook de schandalige brief van Ramsey Nasr aan premier Rutte heeft de terechte grieven van de cultuursector overstemd. Wat daarbij overigens ook niet helpt is de PVV. Ondanks de provinciale PVV-steun voor de regionale cultuurdragers manifesteert deze partij zich op weinig inhoudelijke wijze in het debat. Leden van het Residentie Orkest een ‘clubje toeteraars’ noemen zoals Kamerlid en Haags gemeenteraadslid Fritsma een tijd terug deed, wakkeren het vuur alleen maar verder aan.

De enige die het tij kan keren is de man die erover gaat: Halbe Zijlstra. Donderdag vinden de stemmingen over zijn voornemens plaats. In de korte tijd die hem rest zou het hem sieren om de discussie over cultuur uit de loopgraven te halen en een poging te doen om de terechte noodzaak tot bezuinigingen te verenigen met de terechte wens tot behoud van een cultuurbeleid van kwaliteit en diversiteit.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen