donderdag 18 februari 2016

Concert 17 februari 2016: De twee gezichten van Andris Nelsons


Sjostakovitsj: Symfonie Nr. 6
Sjostakovitsj: Suite voor variété-orkest
Gershwin: Pianoconcert in F

Jean Yves Thibaudet (piano)
Andris Nelsons, Koninklijk Concertgebouworkest
Het Concertgebouw, Amsterdam

Andris Nelsons en het Koninklijk Concertgebouworkest brengen een geweldige spanning én frivoliteit in werken van Sjostakovitsj. Helaas laat hij - samen met pianist Jean-Yves Thibaudet - ook een ander gezicht zien met een futloze uitvoering van het pianoconcert van Gershwin. 

De Letse dirigent Andris Nelsons (1978) is een graag geziene gast bij het Koninklijk Concertgebouworkest. En dat is niet verwonderlijk aangezien de concerten onder zijn leiding meestal muzikale juweeltjes zijn. Het is daarom ook niet vreemd dat hij werd gezien als één van de voornaamste kanshebbers om zijn landgenoot en mentor Mariss Jansons op te volgen bij het KCO. Bij het City of Birmingham Symphony Orchestra maakte hij furore en sindsdien is hij vaste gast bij de meest gerenommeerde orkesten en operagezelschappen. Zijn benoeming tot chef-dirigent van de Boston Symphony Orchestra is een voorlopig hoogtepunt in zijn carrière, maar hij bouwt gestaag verder aan zijn succes getuige zijn zeer goed ontvangen opname van de Tiende Symfonie van Sjostakovitsj in de Shostakovich Under Stalin's Shadow-serie voor Deutsche Grammophon die deze week nog een Grammy Award in de wacht sleepte. Helaas moest Nelsons in december verstek laten gaan bij een concertante uitvoering door het KCO van Wagner's Lohengrin. Maar nu was Nelsons er dus weer en dan ook nog eens met een programma met onder andere Sjostakovitsj. Een componist waar hij als geen ander een (muzikale) connectie mee heeft en onderwerp is van een integrale uitvoering met het KCO die door Unitel op DVD zal worden uitgebracht. En dan ook nog eens gekoppeld aan het heerlijke energieke Pianoconcert in F van Gershwin uitgevoerd door artist in residence Jean-Yves Thibaudet. 

Frivool én spannend
Nelsons maakte de verwachtingen voor de pauze meer dan waar met een geweldige uitvoering van de Zesde Symfonie (1939)  van Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975). Deze symfonie in slechts drie delen was - met het oog op zijn moeizame relatie met de autoriteiten - op voorhand al opgedragen aan Lenin. Het is een soms vervreemdende symfonie waarin in het eerste lange deel, het Largo, de spanning wordt opgebouwd. Een spanning die door Nelsons haarfijn werd aangevoeld en genadeloos werd opgebouwd. Nelsons gooit - letterlijk - zijn hele lichaam in de strijd om het orkest te bewegen tot de grootste prestaties. Na de spanning van het Largo volgen twee kortere scherzo's - Allegro en Presto - waar de energie van afspatte. Hoewel het een symfonie is waar je in beginsel aan moet wennen, hadden Nelsons en het KCO het publiek bij de kladden en lieten ze niet meer los. Maar het feest was nog niet voorbij aangezien Nelsons zich ook van zijn frivole kant liet zien met Sjostakovitsj'  Suite voor Variété-orkest (1956) dat lange tijd door ging als Jazz-suite Nr. 2 en zo nog veelvuldig terug te vinden is op cd. Gebaseerd op zijn filmmuziek bestaat deze suite uit louter pakkende en ook humoristische delen die het publiek telkens deed grinniken. Daarbij was de Wals Nr. 2 voor menigeen bekend, maar dan als de door André Rieu uitgevoerde Second Waltz. Opvallend genoeg waren er nu nog steeds mensen in het publiek die niet wisten dat het een werk van Sjostakovitsj is en dient als (persiflerende) hommage aan de wals. De frivoliteit die Nelsons bracht bij de uitvoering werkte aanstekelijk en vormde de basis neer voor een geweldig maar vooral leuk concert.

Pianoconcert in F(utloos)
Want in combinatie met het energieke en eveneens frivole Pianoconcert in F (1925-1928) van George Gershwin (1898-1937) kon dit niet anders dan één van de fijnste concerten van de afgelopen jaren worden. In 2013 was dit werk ook al bij het KCO op de lessenaars te vinden tijdens het tweede concert als onderdeel van de terugkeer van Riccardo Chailly bij het KCO. Chailly met Stefano Bollani op de piano bliezen de zaal omver en verzorgden het leukste concert van die tijd met naast het pianoconcert ook Catfish Row van eveneens Gershwin aangevuld met even frivole werken van Adams (Lollapalooza) en Harbison (Remembering Gatsby). Nu dus de beurt aan Nelsons en Thibaudet om het succes van Chailly en Bollani te evenaren. Daar waar Nelsons voor de pauze de sterren van de hemel speelde, ging het eigenlijk meteen vanaf het begin mis. Let wel: er werd prima gespeeld, hoewel dirigent en pianist niet altijd op elkaar ingespeeld leken en daardoor al geen schim vormden van het overduidelijke plezier dat Chailly en Bollani in hun samenwerking hadden. Het grote probleem - en of hier de dirigent of de solist leidend in is geweest is onduidelijk - was de keuze om dit heerlijke pianoconcert te voorzien van een dermate traag tempo dat alle energie uit het het stuk sijpelde. De sfeer kwam er daarom totaal niet in en maakte er een futloos geheel van. Wellicht dat het idee was om het Jazzy karakter door te kiezen voor deze laid back-aanpak, maar wie de gelijknamige cd-opname door Chailly en Bollani luistert, zal horen hoe fantastisch juist die kekke aanpak werkt. Het verschil met voor de pauze werd daarmee zo groot dat het geheel er onder lijdt. Nelsons is in de meeste gevallen een muzikale geweldaar, maar het andere gezicht dat hij liet zien met Gershwin bewees de muziek helaas geen dienst.  

Oordeel FerdiBlog: ***** (Sjostakovitsj) / **½ (Gershwin)


'Artist in residence' Jean-Yves Thibaudet en Andris Nelsons zijn 17, 18 en 20 februari te gast bij het Koninklijk Concertgebouworkest met werken van Sjostakovitsj en Gershwin. Deze recensie is op basis van de uitvoering op 17 februari. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen