woensdag 30 juli 2014

Dans 26 juli 2014: Het San Francisco Ballet in Parijs


George Balanchine: Allegro Brillante (1956)
Hans van Manen: Solo (1997)
Christopher Wheeldon: Within the Golden Hour (2008)
Liam Scarlett: Hummingbird (2014)

San Francisco Ballet
Martin West / Ming Luke, l'Orchestre Prométhée
Théâtre du Châtelet, Parijs

Het San Francisco Ballet maakt indruk met een Parijse summer residency waarbij vooral onze eigen Hans van Manen en nieuw werk het beste uit Californië naar boven haalt. 

Vrijwel het gehele jaar kennen de metropolen van Europa en elders een culturele overload, maar zodra de zomer aanbreekt, doet de culturele scene meer aan als een woestenij. Musea vertrouwen nog slechts op hun kerncollectie en voor concerten en dans dient afgereisd te worden naar de diverse zomerfestivals. Daar waar normaliter door het grote aanbod bijna niet te kiezen valt, is het in steden als Wenen, Berlijn, Londen en Parijs opeens speuren naar culturele hoogtepunten. Natuurlijk zijn er wel concerten, maar dat zijn dan gezellig toeristische Mozart-orkesten in Wenen of nog eens een uitvoering van de Vier Jaargetijden van Vivaldi in een sfeervolle Parijse kerk. Wie echter goed zoekt, treft her en der nog een cultureel juweeltje om de zomeravond op te fleuren. Gelukkig was er in Parijs afgelopen weken zo'n juweeltje te vinden met het San Francisco Ballet.

Van klassiek tot modern
In het kader van Les Etés de la Danse heeft het San Francisco Ballet van 10 tot en met 26 juli achttien programma's verzorgd in het prachtige authentieke Théâtre du Chatelet. Voor de laatste uitvoering op 26 juli liet de dansers uit Californië zien dat ze zowel de meer klassieke als moderne dans beheersen. Een conventionele start met Allegro Brillante van choreograaf George Balanchine op muziek van Tsjaikovski (het eerste deel uit zijn Derde Pianoconcert) werd gevolgd door de korte maar zeer indrukwekkende choreografie Solo van onze eigen Hans van Manen. Op (opgenomen) muziek van Bach (Suite Nr. 1 voor viool) losten drie dansers elkaar telkens af zodat immer één danser   zijn solo toonde. Hoewel deze choreografie al uit 1997 is, was hij nog altijd fris en tekende zich door de schijnbare eenvoud van de bewegingen, maar vooral ook de transparantie ervan. Fascinerend om te zien hoe het werk van Van Manen zo de tand des tijds doorstaat en fascinerend blijft. Onderstaand een uitvoering door het Nederlands Dans Theater:


Met de choreografie Within the Golden Hour van Christopher Weeldon toonde de ploeg uit San Francisco zich als collectief en tevens in een werk dat zij zelf in 2008 in premiere brachten op muziek van Ezio Bosso en Antonio Vivaldi. De collectiviteit in Within the Golden Hour wisselde zich af met duo's en maakte zonder meer indruk, hoewel het wellicht allemaal net een tandje korter had gekund.  Het orkest excellerende overigens met name in de begeleiding van deze choreografie en liet zien hoe mooi het kan zijn wanneer dansers live begeleid worden door een goed orkest. Onderstaand een impressie van deze choreografie:


Philip Glass
De avond en daarmee het gehele bezoek aan Parijs werd afgesloten met een kakelverse choreografie: Hummingbird van Liam Scarlett die artist in residence is bij het San Francisco Ballet en waarvan deze choreografie pas 29 april jl. in premiere is gegaan. Op het Tirol Concerto for Piano and Orchestra van Philip Glass heeft Scarlett een choreografie geschreven waarbij het collectief fungeert als achtergrond en context voor duo's waarbij de vrouwelijke solist (terecht) alle aandacht krijgt, met name ook door de werkelijk uitstekende uitvoering die zij ten beste gaf. Kenners van het NDT zullen het prachtige en hypnotische tweede deel van het Tirol Concerto herkennen als de muziek voor Shoot the Moon van Sol Léon en Paul Lightfoot, één van de absolute toppers van het NDT (zie voor een eerdere recensie hier). Net als bij Within the Golden Hour excelleerde ook hier weer het orkest door een prachtige uitvoering van het Tirol Concerto met Natalya Feygina als pianist. Onderstaand een indruk van de repetitie van Hummingbird en de ideeën van Scarlett daarover:


Over tien jaar weer?
Toch blijft opvallend dat van alle choreografieën de choreografie van Hans van Manen het meest vooruitstrevend was. Ook nu kunnen choreografen als Scarlett en Wheeldon nog veel leren van de oude meester, hoewel man/man-duo's al een mooie blik naar de toekomst gaven. Het talent - met name bij de dansers van Aziatische origine - om dergelijke choreografieën uit te voeren is ruimschoots bij het San Francisco Ballet aanwezig en met dit uitgebreide programma liet het San Francisco Ballet een indrukwekkend visitekaartje achter. Tien jaar nadat de dansers uit San Francisco voor het eerst op de planken in Parijs stonden. Het enthousiaste applaus en de warme woorden van de directeur van Les Etés de la Danse zullen er vast toe leiden dat het San Francisco Ballet over tien jaar, maar waarschijnlijk veel eerder, weer in Parijs te zien zijn. En wellicht ook eens in Nederland, dat zou zeker - in welk seizoen dan ook - geen straf zijn. 

Het San Francisco Ballet trad van 10 tot en met 26 juli 2014 op in het Théâtre du Chatelet in Parijs. Deze recensie is op basis van het slotprogramma op 26 juli. Onderstaand de 'trailer' voor de Parijse 'residency' van het San Francisco Ballet:

dinsdag 29 juli 2014

De Noorse 'Mammon' dienen?

Noorwegen probeert met Mammon het televisiesucces van buurlanden Zweden en Denemarken te volgen en slaagt daar redelijk in.

Hoewel het internationale televisiesucces van series als Borgen, The Killing en Wallander door velen als een Scandinavisch succes wordt gezien, is het toch vooral het feestje van Denemarken (Borgen, The Killing) en Zweden (Wallander). Noorwegen komt er wat betreft bekaaid van af. Enkele jaren geleden is met het niet verkeerde detectivedrama Varg Veum een poging gedaan om de Deens-Zweedse hegemonie te doorbreken, maar de meest recente hit is dan toch The Bridge wat juist een Deens-Zweedse coproductie is. Met Mammon hoopt de Noorse staatsomroep NRK het tij te keren en om het vertrouwen daarin te onderstrepen is – zelfs voordat Mammon in de Noorse huiskamers viel te zien – een tweede seizoen besteld.

Hebzucht in Noorwegen
De titel voor deze zesdelige miniserie is niet zonder toeval Mammon. De Bijbelse Mammon is de afgod van het rijkdom en wanneer iemand Mammon dient is dat geen compliment: hebzucht is dan het devies. Niet voor niets stelt de Bijbel dat je niet God én de Mammon kan dienen. De Noorse variant voor Mammon staat voor de duistere onderbuik van de financiële, politieke en journalistieke wereld. Een duistere wereld waar journalist Peter Verås het licht op schijnt, maar waarbij de getoonde financiële fraude bij een multinational leidt naar zijn eigen broer die niet lang daarna zelfmoord pleegt. Verås’ journalistieke carrière overleeft dit niet en leidt hem naar de woestijn van de sportredactie.

Het offer van Abraham
Jaren later wordt het verhaal weer opgepakt en is Verås nog steeds in dienst bij de sportredactie wanneer een golf van dezelfde soort zelfmoorden zich voordoet. Wanneer Verås zich hier verder in verdiept, blijken alle mannen die zelfmoord hebben gepleegd – zijn broer incluis – deelgenoot te zijn van een groter complot. Een complot waar een ander deel van de Bijbel van betekenis voor is. In de Noorse (staats)kerk waar de onbuigzame vader van Verås de scepter zwaait, hangt een door zijn broer geschonken schilderij dat het offer van Abraham uitbeeldt. Om Abraham’s geloof te testen beveelt God hem zijn zoon Isaak te offeren. Wanneer Abraham gehoorzaamt en op het punt staat om het offer daadwerkelijk te brengen wordt hij door een engel tegengehouden en daarmee erkend in zijn ware geloof in God. Een niet erg gezellig verhaal dat de eerste concrete aanwijzing inhoudt in de queeste van Verås om achter de waarheid te komen. Een waarheid waardoor zijn neef weleens in groot gevaar zou kunnen verkeren.

Nordic Noir
De zes afleveringen van het eerste seizoen van Mammon vormen het verhaal van de zoektocht van Verås naar de waarheid achter de zelfmoorden en in hoeverre de wereld van politiek, journalistiek en bedrijfsleven daarbij betrokken zijn. Net als The Killing en The Bridge is ook dit eerste seizoen van Mammon een afzonderlijk verhaal. Deze spannende Nordic Noir behaalt niet de kwaliteit van The Bridge en The Killing, maar is zonder meer een goede poging van Noorwegen om bij het internationale succes van deze hitseries aan te sluiten. En voor liefhebbers van all things Scandinavian kunnen met een gerust hart deze Noorse Mammon dienen.

‘Mammon’ is vanaf 29 juli verkrijgbaar en wordt uitgeven door Lumière. Deze recensie is gebaseerd op de DVD-versie. Bestellen kan hier

De trailer van 'Mammon':

donderdag 10 juli 2014

Kaplan en de Toverketel: 'Het Aziatische Kruitvat' van Robert Kaplan


Met Het Aziatische Kruitvat maakt Robert Kaplan op realistische én lezenswaardige wijze duidelijk dat het toekomstige geopolitieke broeinest zich zonder twijfel in en rondom de Zuid-Chinese Zee bevindt. 

Het literaire kerkhof is bezaaid met boeken met de meest vergezochte toekomstverkenningen. Met name op het gebied van de internationale politiek kan je boekenkast na boekenkast vullen met boeken  die feitelijk allemaal op hetzelfde neer komen: the end of the world as we know it. Het probleem van deze boeken is vaak dat de (geopolitieke) aanleiding terecht is, maar de gevolgtrekking geen rekening houdt met het niet planmatige karakter van de toekomst. Om tussen al dit kaf dus het koren te zijn, wordt het nodige van een auteur gevraagd. Robert Kaplan's nieuwste boek Het Aziatische Kruitvat. Het einde van de stabiliteit in de Grote Oceaan onderscheidt zich zonder meer als koren en geeft een realistische en zeer lezenswaardige blik op de ontwikkelingen in en rondom de Zuid-Chinese Zee en de opkomst van China.

Een geopolitiek reisverslag
Kaplan is een prominente denker op het gebied van de internationale politiek. Als correspondent voor  The Atlantic Monthly en werkzaam voor Stratfor wordt zijn werk door toonaangevende kranten gepubliceerd en is hij een graag geziene gast bij de Amerikaanse regering. Met zijn boek Balkanschimmen brak hij door, terwijl De Wraak van de Geografie een recente bestseller is. Het geheim van zijn succes ligt in een realistische benadering van de wereldpolitiek waarbij hij zijn waarnemingen op heldere wijze uiteenzet. Daarbij zijn veel van zijn boeken ook deels verslagen van zijn reizen om tot geopolitieke waarnemingen te komen. Deze combinatie zorgt ervoor dat Kaplan enorm lezenswaardig is en zijn waarnemingen alleen maar verder ondersteund worden. 

Naar een multipolaire wereld
Hoewel de huidige focus ligt op de brandhaarden in het Midden-Oosten richt Kaplan zijn blik op de Zuid-Chinese Zee. Voor deze lezer en vast veel andere lezers zit het belang van de Zuid-Chinese Zee niet bepaald tussen de oren. Natuurlijk is iedereen ervan doordrongen dat de economische en militaire opkomst van China grote gevolgen gaat hebben en zorgt voor een wereld die verandert van unipolair met de Verenigde Staten als onbetwiste hegemoon naar een multipolaire wereld waar meerdere wereldmachten - met China voorop - het leiderschap van de Verenigde Staten uitdagen. Kaplan maakt duidelijk dat het economische en militaire belang van de Zuid-Chinese Zee het nieuwe geopolitieke theater vormen. Dus zet de popcorn alvast maar klaar: coming to a theatre near you!

Kaplan maakt duidelijk dat de Zuid-Chinese Zee qua handelsbelang niet onderdoet voor de Middellandse Zee in haar hoogtijdagen en tegelijkertijd vertoont de Zuid-Chinese Zee overeenkomsten met het Caribisch gebied. Rondom de Zuid-Chinese Zee bevinden zich Vietnam, Maleisië, Singapore, de Filipijnen en Taiwan. En in de invloedssfeer rondom de Zuid-Chinese Zee bevinden zich Japan, de beide Korea's, Indonesië en Australië. Helaas bevat de Nederlandse uitgave van Asia's Cauldron - op de kaft na - geen kaart van het gebied, een jammerlijke omissie. Want juist de kaart maakt duidelijk dat de by far belangrijkste macht in en rondom de Zuid-Chinese Zee China is wiens belang aldaar overeenkomsten vertoont met het belang van de Verenigde Staten in en rondom het Caribisch gebied en in het verlengde daarvan Zuid-Amerikan. Daar waar China haar belangen in de eigen achtertuin wil veiligstellen deden de Verenigde Staten dit al vanaf de 19e eeuw via de Monroe Doctrine en de strijd tegen het Spaanse Rijk die de Verenigde Staten de zeggenschap over de eigen achtertuin en de feitelijke kolonisatie van de Filipijnen opleverden. 

China en finlandisering
De landen rondom de Zuid-Chinese Zee met voorop Vietnam en Taiwan zien de opkomst van China met lede ogen aan en nemen daarom zowel economische als militaire voorzorgsmaatregelen waarbij de steun van de Verenigde Staten een grote zo niet doorslaggevende rol speelt. In slechts 226 pagina's schetst Kaplan daarbij een rijkgeschakeerd beeld door de verschillende hoofdrolspelers te bespreken en daarbij te wijzen op de angst voor finlandisering die leeft bij landen als Vietnam en Taiwan: een toekomst als in naam onafhankelijke staten maar feitelijk onderdanig aan China, gelijk Finland in relatie tot de Sovjet-Unie tijdens de Koude Oorlog. Kaplan maakt daarbij duidelijk dat het problematisch is dat er geen humanistische waarden in het geding zijn: het gaat puur om economische belangen en regionale invloed. Daardoor spreekt het gebied minder tot de verbeelding zodat het lastiger is om de situatie op het publieke netvlies te krijgen en eventueel ingrijpen moeilijker tot publieke steun leidt. Tegelijkertijd is Kaplan een realist en ziet hij de gevaren van de regio, maar constateert hij ook dat een zee wel tot schermutselingen kan leiden, maar niet zo snel tot oorlog. Desalniettemin is het voor Kaplan wel het kruitvat voor de voorzienbare tijd. 

Kaplan zet zijn waarnemingen - in de overigens uitstekende vertaling van George Pape - helder uiteen, maar neemt tegelijkertijd de tijd om via aparte hoofdstukken over de hoofdrolspelers ook meer inzicht te geven in de cultuur en geschiedenis van de landen rondom de Zuid-Chinese Zee. Daarmee komt ook zijn aard als reisverslaggever naar boven. Dit alles versterkt zijn geopolitieke waarnemingen over de Zuid-Chinese Zee en maken Het Aziatische Kruitvat een verplicht nummer voor allen die geïnteresseerd zijn in de wereldpolitiek in het algemeen en Azië in het bijzonder. 

In april 2014 is 'Asia's Cauldron. The South China Sea and the End of a stable Pacific' vertaald door George Pape als ' Het Aziatische Kruitvat. Het einde van de stabiliteit in de Grote Oceaan' uitgeven door uitgeverij Spectrum. Bestellen kan hier

zondag 6 juli 2014

Berichten van het bejaardenfront: Het geheime dagboek van Hendrik Groen


Met Pogingen iets van het leven te maken schrijft Hendrik Groen een vrolijk, grappig maar  vaak ook ontroerend dagboek over het leven in een verzorgingshuis in Amsterdam-Noord. 

Het genre van dagboeken in de literatuur is een gevaarlijke. Want wanneer zijn de dagelijkse beslommeringen van het hoofdpersoon nu zo interessant dat ze het rechtvaardigen om in boekvorm uit te brengen? Veelal moet de persoon in kwestie wat te melden hebben dan wel 'iemand' zijn en een duidelijk doel met het dagboek hebben. Goede voorbeelden hiervan zijn de (politieke) dagboeken van de (overleden) Britse Conservatieve politicus Alan Clark (The Alan Clark Diaries) en de meer recente dagboeken van zijn Labour-evenknie Chris Mullin. Het succes van beide dagboeken ligt besloten in het feit dat beide heren dicht genoeg bij het vuur zaten om inzicht te geven, maar er ver genoeg van verwijderd waren om zichzelf niet al te serieus te nemen. Een Nederlands voorbeeld is het gezamenlijke dagboek van Frits Bolkestein en journalist Margriet Brandsma Haags Duet over de verkiezingen van 1998. Door deze dubbele en open benadering van zowel Bolkestein en Brandsma is Haags Duet een feest voor de lezer. Iets wat helaas niet gezegd kan worden van het dagboek van Frits Bolkestein over zijn tijd als Eurocommissaris Grensverkenningen. Een dagboek dat door de lengte ervan, maar ook het beperkte aantal noemenswaardige gebeurtenissen (en gebrekkige redactie) een goed voorbeeld is hoe je de plank met een dagboek volledig mis kunt slaan.

Het leven in een verzorgingshuis
Het dagboek van een bejaarde in een verzorgingshuis lijkt op voorhand nou niet bepaald een toevoeging op het genre. Want wie wil er nou eigenlijk lezen over aftakelende bejaarden wiens wereld een aantal vierkante meter amper overstijgt? Dat vooroordeel wordt door het Pogingen iets van het leven te maken. Het geheime dagboek van Hendrik Groen, 83 1/4 jaar resoluut van de hand gewezen. Want deze Hendrik Groen, waarvan het nooit helemaal duidelijk is of het een pseudoniem is, geeft met zijn (goed geschreven) dagboek openhartig inzicht in een jaar van zijn leven (2013) in een verzorgingshuis in Amsterdam-Noord. Een jaar lang volg je de beslommeringen van Groen en zijn mede-bejaarden waardoor je niet alleen inzicht krijgt in het leven in een verzorgingshuis, maar ook het leven en de opvattingen van Hendrik Groen. En dat is bepaald geen straf.

Oud maar niet uitgeteld
Hendrik Groen lijkt niet bepaald een typisch voorbeeld van de gemiddelde bewoner van een verzorgingshuis. Daar waar zijn medebewoners weinig interesse lijken te hebben voor het leven om hun heen, maakt Groen duidelijk dat hij de (politieke) actualiteit volgt en daar ook een mening over heeft. De nauwgezetheid ervan doet de lezer wel benieuwd worden naar zijn achtergrond, maar hoewel Groen (zeer) open is over zijn leven in het verzorgingshuis, laat hij maar weinig los over zijn leven daarvoor. Een leven dat overigens behoorlijke rampspoed heeft gekend met een dochtertje dat op jonge leeftijd is verdronken, een vrouw die daardoor manisch-depressief is geworden en nog altijd veroordeeld is tot een inrichting en een persoonlijke (financiële) situatie waarbij het verzorgingshuis Groen heeft behoed voor een leven zonder dak boven zijn hoofd. Juist deze achtergrond en zijn grote interesse maken Groen de ideale commentator voor het leven in een verzorgingsthuis. Een leven waarbij je je als lezer vaak verbaast over de bureaucratie aldaar, maar ook inzicht geeft in hoe het is wanneer het leven niet meer in staat is tot verbetering, maar slechts tot (al dan niet spoedige) geestelijke en lichamelijke aftakeling. De vernietigende effecten van dementie bij een vriendin van Groen in het verzorgingstehuis komen voor zowel Groen als de lezer daarom akelig dichtbij. Net zoals de meedogenloosheid van de dood die een naaste van Groen - zonder aankondiging - uit het leven rukt. 

Ontroerend en grappig
Daarmee is het dagboek vaak ook ontroerend, maar (gelukkig) nog vaker ontzettend grappig, want de droge pen van Groen doet vaak grinniken. Want het leven in een verzorgingshuis is niet alleen kommer en kwel wanneer je er voor kiest om er nog wel wat van te maken. Want Groen heeft een goede vriend aldaar met wie hij veel kattenkwaad uithaalt (wat onder andere leidt tot de dood van vissen in de diverse aquaria en de zoektocht van de directie naar de daders) en met wie hij samen de spil vormt van een groepje van gelijkgestemde bejaarden die de 'Oud-maar-niet-dood'-club oprichten en wat van hun leven maken met activiteiten en veel lol. 

Het is daarom niet verbazingwekkend dat uitgeverij Meulenhoff ervoor heeft gekozen om dit dagboek - dat begonnen is als een dagelijkse bijdrage van Hendrik Groen aan e-zine Torpedo Magazine - integraal in boekvorm uit te brengen. Deze berichten van het bejaardenfront zijn het zonder meer waard om te lezen waarbij ontroering en glimlachen elkaar vaak zullen afwisselen. Een mooie toevoeging op het genre van de dagboeken dus!

'Pogingen iets van het leven te maken' van Hendrik Groen is in juni uitgegeven door Meulenhoff. Bestellen kan hier

Lees mijn eerdere recensie van het derde (en laatst deel) van het politieke dagboek van Chris Mullin hier