zaterdag 18 oktober 2014

Concert 17 oktober 2014: De muzikale liefde van Wagner, Strauss en Brahms


Wagner: Siegfried-Idylle
R. Strauss: Vier Letzte Lieder
Brahms: Symfonie Nr. 3

Dorothea Röschmann (sopraan)
Yannick Nézet-Séguin, Rotterdams Philharmonisch Orkest
De Doelen, Rotterdam

Yannick laat het Rotterdams Philharmonisch Orkest en sopraan Dorothea Röschmann in perfecte balans schitteren in muzikale liefdesverklaringen van Wagner, Strauss en Brahms.

In de aflevering Trick or Treat van de semi-biografische HBO-komedie Curb your Enthusiasm verrast Larry David zijn vrouw bij het waken op haar verjaardag door een klein ensemble de Siegfried-Idyll te laten spelen. Hij treedt hiermee in de voetsporen van Richard Wagner (1813-1883) die zijn geliefde vrouw Cosima op Eerste Kerstdag 1870 verrast voor haar verjaardag met deze nieuwe compositie ter ere van haar en hun zoon Siegfried gebaseerd op thema's uit Siegfried die hij op dat moment schreef. Deze ultieme daad van romantiek wordt door Larry David ook gebruikt om een vervelende kennis - die niet begrijpt dat hij als mede-Jood geniet van Wagner - bruut uit zijn slaap te halen door een klein orkest de ouverture van Die Meistersinger von Nürnberg onder diens slaapkamerraam te laten spelen. In Rotterdam blijft het bij de romantiek en wordt de liefdesverklaring die de Siegfried-Idylle is, vergezeld door die twee andere muzikale liefdesverklaringen: de Vier Letzte Lieder van Richard Strauss en de Derde Symfonie van Johannes Brahms. 

De liefde voor hun vrouw
Dat Larry David wordt gekapitteld voor zijn muzikale voorliefde voor Wagner is - zoals algemeen bekend - geworteld in de antisemitische ideeën van Wagner, maar dat laat onverlet dat Wagner fantastische muziek heeft geschreven en bepalend is geweest voor de loop van de muzikale geschiedenis. Een ander bekend beeld van Wagner's muziek is dat het vooral allemaal hard en lawaaierig is gelijk de opkomst van de Walküren en de befaamde scene uit Apocalypse Now. Daarmee wordt Wagner enorm te kort gedaan en de Siegfried-Idyll is het perfecte voorbeeld van hoe klein, lyrisch en romantisch Wagner kon componeren. En in de handen van Yannick Nézet-Séguin en zijn Rotterdams Philharmonisch Orkest komt die kant van Wagner volledig tot zijn recht. Yannick weet keer op keer de goede balans te vinden en laat het orkest stralen, niet in de laatste plaats de uitstekende hoorn-sectie waarover later meer.

Ook Richard Strauss (1864-1949) had zijn (nogal bazige) vrouw Pauline zeer lief en schreef ter ere van haar én haar sopraanstem zijn zwanenzang Die Vier Letzte Lieder. Deze laatste muzikale erfenis toont het orkestrale genie van Richard Strauss én zijn kennis van de zangstem in volle glorie. Er zijn vele opnames van de Vier Letzte Lieder waarbij het opvallend is dat de prachtopname hiervan door Elisabeth Schwarzkopf begeleid door het Radio-Symphonie-Orchester Berlin onder George Szell uit 1966 eigenlijk nooit meer overtroffen is. Het geheim van de perfecte uitvoering van de Vier Letzte Lieder licht in een rijke orkestrale klank in combinatie met een bescheiden sopraanstem. De balans tussen die twee uitersten goed krijgen, is hondsmoeilijk, maar Yannick en de Duitse sopraan Dorothea Röschmann kregen precies dat voor elkaar. Röschmann's stem zal - zeker voor de eerste rijen in de Doelen - het en der wat te hard hebben geklonken, maar voor de rest van de zaal was de dosering perfect. 

Onbeantwoorde liefde
Na de pauze was het de beurt aan de onbeantwoorde liefde. Johannes Brahms (1833-1897) schreef zijn Derde Symfonie terwijl hij verliefd was op de jonge zangeres Hermine Spiess die zijn liefde echter niet wenste te beantwoorden. Daarom droeg hij de Derde Symfonie uiteindelijk op aan Clara Schumann met wie hij zijn hele leven een complexe relatie heeft gehad waarvan het altijd de vraag is geweest of zij minnaars zijn geweest of niet. Omdat Brahms zich - uit vrees voor het genie van de symfonieën van Beethoven - pas op late leeftijd toelegde op de symfonie zijn de vier symfonieën van zijn hand allen enorm rijk aan muzikale ideeën. In de handen van Yannick zorgde dit voor een uitmuntende uitvoering met diepgang waardoor menig concertbezoeker in ieder geval deels onder de magie van het werk van Brahms is gevallen. Een perfecte balans, maar ook het opzoeken van de randen van de dynamiek waren hier grote weldoeners.

Ter ere van Martin van de Merwe
Regelmatige bezoekers van dit blog zal het niet ontgaan zijn dat de hoornsectie van het Rotterdams Philharmonisch Orkest in het algemeen maar Eerste Hoorn Martin van de Merwe zeer hoog aangeschreven staat. Van de Merwe is misschien wel de beste hoornspeler van Nederland en viert deze week zijn veertigjarige verbintenis met het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Daarom vond na het concert nog een prachtige reprise plaats met warme woorden van Yannick voor Van de Merwe en de uitvoering - op verzoek van de jubilaris - van het zelden in de concertzaal uitgevoerde Mondscheinmusik uit de opera Capriccio van Richard Strauss. Van de Merwe en zijn orkest straalden ook hier en sloten een memorabel romantisch concert in stijl af.

Oordeel FerdiBlog: ****½

Op 16, 17 en 19 oktober voert het Rotterdams Philharmonisch Orkest onder leiding van chef-dirigent Yannick Nézet-Séguin en met medewerking van sopraan Dorothea Röschmann een programma met werken van Richard Wagner, Richard Strauss en Johannes Brahms uit. Voor het concert op 19 oktober zijn nog kaarten beschikbaar. Bestellen kan hier.

Met ingang van deze recensie maakt FerdiBlog gebruik van een sterrensysteem voor een preciezere weerspiegeling van het algemene oordeel van een recensie. 

vrijdag 17 oktober 2014

Perfect voor het kleine scherm: 'The Keeper of Lost Causes' ('De Vrouw in de Kooi')


De Vrouw in de Kooi is een prima en spannende verfilming van de gelijknamige thriller uit de Serie Q van Juss Adler-Olsen, maar waarom dit televiedrama als film is uitgebracht is een raadsel. 

Net zoals de televisieseries zijn ook de thrillers uit Scandinavië populair populair. Het is daarom niet vreemd dat menig thriller eindigt als serie of film en in een enkel geval wordt ook nog wel eens de tegengestelde weg gevolgd. In 2013 werd de filmversie van Serie Q: De Vrouw in de Kooi van Juss Adler-Olsen de best bezochte film in Denemarken en tevens één van de best bezochte films aller tijden. Internationaal is Kvinden i Buret uitgebracht als The Keeper of Lost Causes en heeft ook in Nederland kortstondig in de bioscoop gedraaid. Inmiddels is The Keeper of Lost Causes als De Vrouw in de Kooi op DVD verschenen. En dat is misschien maar goed ook, want deze film komt veel beter tot zijn recht als een eenmalige televisiethriller.

Hopeloze zaken
Helaas zijn er met enige regelmaat zaken die door de politie niet opgelost kunnen worden en na een bepaalde periode starten aan een comateus  bestaan totdat nieuwe aanwijzingen alsnog tot een mogelijke oplossing kunnen leiden. Ook de Deense politie heeft daarmee te maken en heeft daar het zogenaamde Q departement voor. Detective Carl Mørck wordt 'verbannen' naar deze afdeling nadat een actie is uitgelopen op een ramp waardoor zijn beste vriend en collega verlamd is geraakt en hij een schot op zijn hoofd rakelings heeft overleefd. Bij de afdeling Q treft hij Assad die eveneens zijn carrière daar weg ziet glijden. In plaats van bij de pakken neer te gaan zitten, grijpt Mørck de eerste de beste onoplosbare zaak aan en gaat er - samen met Assad en tegen de leiding van het politiebureau in - vol in. Hoewel een en ander niet echt origineel is en het allemaal natuurlijk niet onverwacht komt (immers als Mørck bij de pakken neer was gaan zitten, was het wel een heel korte film geworden) weet De Vrouw in de Kooi er flink vaart in te houden en is het zonder meer een spannende film die langs je trekt. Niet ongelooflijk vernieuwend, maar wanneer je The Killing en dergelijke aanbidt, is dit zonder meer jouw cup of tea.

In alle opzichten een TV-productie
Het is daarbij overigens niet vreemd om The Killing te noemen omdat hoofdrolspeler Nikolaj Lie Kaas een rol speelt in The Killing 3, de regisseur Mikkel Nørgaard ook bekend is van Borgen - de politieke tegenhanger van The Killing - en een andere hoofdrolspeler Mikkel Boe Følsgaard weer een grote rol speelt in The Legacy ook afkomstig uit de stal van de Deense staatsomroep. Wat dat betreft lijkt De Vrouw in de Kooi toch verdacht veel op een TV-productie die toevallig op het witte doek is terechtgekomen. Het zou daarom ook niet verbazen wanneer bioscoopbezoekers bij het verlaten van deze film zich in afvragen waarom deze in feite televisiefilm de gang naar de bioscoop heeft gemaakt. Wanneer deze recensie zou zijn gebaseerd op een bezoek aan de bioscoop zou het oordeel hoogstwaarschijnlijk flink negatiever uitpakken, maar De Vrouw in de Kooi is misschien niet altijd even verrassend, maar het is zonder meer een spannende thriller waar meer dan genoeg vaart in zit en een enkele keer ook nog weet te verrassen. De keuze om deze 'film' op DVD uit te brengen is daarmee een goede: niet geschikt voor het witte doek, maar zonder meer geschikt voor het kleine scherm.



'Kvinden I Buret' is internationaal uitgegeven als 'The Keeper of Lost Causes' en in Nederland als 'De Vrouw in de Kooi' door Lumière in de Lumière Crime Films-reeks. 'De Vrouw in de Kooi' is sinds 30 september verkrijgbaar. Bestellen kan hier.

zondag 12 oktober 2014

Simenon in het nieuw: 'De Premier' en 'Een Misdaad in Holland' van Georges Simenon


Het werk van Georges Simenon is vijfentwintig jaar na zijn dood terug en heeft wonderwel de tand des tijds doorstaan, met dank aan zijn vertelkracht én een nieuwe vertaling. 

De Franstalige Belg Georges Simenon (1903-1989) heeft een groot oeuvre achtergelaten, maar is toch vooral bekend vanwege Jules Maigret, commissaris bij de Police Judiciaire van Parijs. De boeken van Maigret, maar zeker ook de bewerkingen voor televisie hebben zijn personage op redelijk gelijke hoogte gebracht met andere klassieke speurneuzen zoals Sherlock Holmes, Poirot en Miss Marple. De Bezige Bij Antwerpen heeft het feit dat het vijfentwintig jaar geleden is dat Simenon overleed aangegrepen om een deel van het oeuvre van Simenon in een hedendaagse uitvoering, maar juist ook in nieuwe vertalingen opnieuw uit te brengen. Onderdeel van de eerste reeks heruitgaven zijn het Maigret-boek Een Misdaad in Holland en de roman De Premier.

Een Misdaad in Holland
Het is niet verrassend dat de Bezige Bij Antwerpen ervoor kiest om Een Misdaad in Holland als eerste Maigret-roman opnieuw uit te geven. Het eerste boek over Maigret - Maigret en de onbekende wreker - is door Simenon geschreven in Delfzijl en daarmee de geboorteplaats van Maigret. Later in de Maigret-reeks verscheen Een Misdaad in Holland (Un Crime en Hollande) die voor het gemak eerst vertaald was als Maigret in Holland. Met de heruitgave is de oorspronkelijke titel ook weer in ere hersteld en kan het Nederlandstalige publiek genieten van een Maigret-verhaal dat zich op Nederlandse bodem afspeelt. 

Een doortastende Maigret
Maigret reist in Een Misdaad in Holland af naar Delfzijl om de moord op de leraar Koen Poppinga te onderzoeken. Verdachte is de Franse professor Jean Declos, aanwezig in Delfzijl voor het geven van een lezing over - passend genoeg - criminaliteit en moord. Zijn gastheer wordt op de avond van de lezing doodgeschoten op het erf van zijn eigen huis en Declos wordt gevonden met de revolver die de dood van Poppinga tot gevolg heeft. Aan Maigret om deze zaak op te lossen. Opvallend hierbij is dat de Maigret van Simenon doortastender en harder is dat de Maigret die we van de gelijknamige televisieserie kijken. Tegelijkertijd speelt het verhaal zich overduidelijk in een ouderwets Nederland af dat wellicht de leesbaarheid niet ten goede zou komen. De combinatie van tijdsdocument en de nieuwe vertaling gaan dit echter tegen waardoor Een Misdaad in Holland zonder meer een prettige (al dan niet hernieuwde) kennismaking met Maigret en het werk van Simenon is. 

De Premier
In De Premier is geen spoor van Maigret te bekennen en maken we kennis met het 'andere' werk van Simenon. In dit geval de prachtige beschrijving door Simenon van een voormalige Franse premier in ruste wiens invloed nog altijd geldt en wiens aanwezigheid nog altijd door het Franse publiek én - wellicht nog belangrijker - door de Franse politiek haarscherp wordt geregistreerd. Vanuit zijn eenvoudige boerderij op de Franse campagne houdt hij de situatie in Parijs nauwlettend in de gaten. Zeker nu zijn voormalige vertrouweling en medewerker Chalamont premier lijkt te worden. Deze Chalamont heeft het vertrouwen van de voormalige premier in het verleden grondig geschonden waardoor hun paden zijn gescheiden. De aanleiding voor de vertrouwensbreuk ligt nog altijd als een steen op de maag van de ex-premier en een bewijsstuk daarvan wordt altijd nog door hem bewaard. Het moment dat het bewijsstuk zijn weg naar de publiciteit zal vinden, lijkt aanstaande zodat voorkomen kan worden dat Chalamont premier wordt en de oud-premier nog eenmaal zijn macht laat gelden.

Een studie van de macht in ruste
Het mooie aan De Premier is dat het politieke spel juist niet het feitelijke onderwerp van de roman is. Het gaat om de steeds kleiner wordende wereld van een man die ooit Frankrijk en de wereld aan zijn voeten had, maar nu een teruggetrokken leven leidt op het platteland waar een kleine coterie van verzorgers zijn slechter worden gezondheid tegen gaan zonder het respect voor zijn (voormalige) ambt te verliezen. In deze situatie is het de vraag of zijn invloed en betekenis daadwerkelijk nog iets voorstelt of dat een voormalig premier zijn fantasiewereld wordt gegund. Daarmee is De Premier - wederom met dank aan de frisse nieuwe vertaling - een mooie karakterschets geworden waardoor lezers door de titel en het onderwerp een andere roman zullen lezen dan ze in eerste instantie verwachten. 

Beide boeken tonen aan dat het oeuvre van Georges Simenon het zonder meer waard is om via een frisse nieuwe vertaling opnieuw uit te geven en een nieuw lezerspubliek kennis te laten maken met de vertelkracht van zijn werk en natuurlijk commissaris Maigret. 

In september heeft De Bezige Bij Antwerpen de eerste reeks heruitgaven van het werk van Georges Simenon op de markt gebracht. Het betreft 'De Blauwe Kamer', 'De Premier'  en de Maigret-romans 'Een Misdaad in Holland' en 'De Danseres van Le Gai-Moulin'. In februari 2015 volgt een tweede reeks met 'De Brief aan Mijn Rechter', 'De Burgemeester van Veurne' en de Maigret-romans 'De Gele Hond' en 'Het Lijk bij de Sluis'. Bestellen van 'De Premier' kan hier en 'Een Misdaad in Holland' hier

zaterdag 11 oktober 2014

De vergankelijkheid van adoratie: 'De reputaties' van Juan Gabriel Vásquez


Vásquez verdiept zich in de vergankelijkheid van adoratie en de invloed van spotprenten in zijn korte maar overvolle novelle De reputaties.

Een goede tekenaar van spotprenten heeft het talent om bekende nieuwsfeiten in een oogopslag herkenbaar weer te geven en daar tegelijkertijd in diezelfde oogopslag een gezichtspunt aan toe te voegen die de publieke opinie beïnvloedt. Het is daarom niet verwonderlijk dat veel spotprenten tekortschieten, maar als ze eenmaal beet hebben een carrière het lijdend voorwerp kunnen breken of een issue bovenaan de (politieke) agenda krijgen. Zo'n tekenaar van spotprenten is het onderwerp van Les reputaciones, de nieuwste novelle van Juan Gabriel Vásquez in de aanstaande Nederlandse vertaling De reputaties.

The pen is mightier than the sword
Het succes lacht Javier Mallarino toe. Zijn werk is legendarisch in zijn thuisland Colombia en met zijn spotprenten kan hij carrières maken en breken. Nu hij langzamerhand in zijn nadagen is beland, wordt hij op grootste en meeslepende wijze gehuldigd voor zijn bijdrage aan het publieke domein. Mallarino heeft in zijn carrière - die inmiddels meer dan veertig jaar omspant - overduidelijk het gelijk aangetoond van de Angelsaksische uitdrukking 'the pen is mightier than the sword'. Maar nu hij juist op het toppunt van zijn roem en invloed is, is hij ook meteen herkenbaar geworden. Een gevaarlijke situatie voor iemand die altijd op zijn anonimiteit gesteld was en zo ook anoniem door het leven kon staan: zijn spotprenten wereldberoemd, zijn gezicht volstrekt onbekend. In een land als Colombia waar politiek en geweld nog weleens hand in hand willen gaan geen overbodige luxe. Toch lokt het vooruitzicht van nabije adoratie in plaats van op afstand Mallarino uit om zijn anonimiteit prijs te geven. Een keuze die hem ook tot voordeel lijkt te strekken wanneer de beeldschone en jonge Samanta Leal hem thuis wil interviewen over zijn leven en werk. Wat een regulier interview had moeten worden met wellicht een spannende (happy?) einde verandert in een onverwacht bezoek waardoor Mallarino gedwongen wordt om een lang vergeten gebeurtenis onder ogen te zien en hij geconfronteerd wordt hoe groot de gevolgen voor de levens van mensen kunnen zijn van zijn spotprenten, goedbedoeld of niet. Door zijn hang om zijn reputatie te 'cashen', dreigt diezelfde reputatie en zijn leven te ontrafelen.

Een stevige novelle
In slechts 138 pagina's vertelt Vásquez het verhaal van Mallarino en daarmee de opvolger van zijn bejubelde Het geluid van vallende dingen over de impact van drugs op Colombia. Daar waar Het geluid van vallende dingen een roman van normale omvang is, lijkt De reputaties door de geringe omvang niet meer dan een novelle. Het verhaal, maar ook de door Vásquez gehanteerde taal maken De reputaties tot veel meer dan een novelle. Het maakt het tot een roman waar de zinnen het beste tot hun recht komen door ze met beleid en in alle rust tot je te nemen. Lekker snel doorlezen is bij De reputaties zonder meer mogelijk, maar doet wel afbreuk aan zijn verhalende stijl vol metaforen. Tegelijkertijd is dit misschien ook de reden waarom De reputaties - in tegenstelling tot Het geluid van vallende dingen - minder toegankelijk lijkt. Liefhebbers van de realistische, maar ook typische Zuid-Amerikaanse, stijl die Vaásquez voorstaat zullen niet snel teleurgesteld raken door dit relaas van een spotprenttekenaar.

'Las reputaciones' van Juan Gabriel Vásquez wordt op 14 oktober in de vertaling van Brigitte Coopmans als 'De reputaties' uitgegeven door Uitgeverij Signatuur. Deze recensie is op basis van een vooruit-exemplaar van 'De reputaties'. Bestellen kan hier.


Lees hier de eerdere recensie op FerdiBlog van 'Het geluid van vallende dingen' van Juan Gabriel Vásquez.

vrijdag 10 oktober 2014

Dans 9 oktober 2014: De verslaafde slaapster: 'Sleeping Beauty' van het NDT


Nederlands Dans Theater (NDT)
Sleeping Beauty

Mats Ek (choreografie), Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (muziek)
Nederlands Dans Theater (NDT) 1
Lucent Danstheater, Den Haag 

Het NDT start het nieuwe seizoen met Mats Ek's moderne choreografie van het klassieke ballet Sleeping Beauty en geeft de Schone Slaapster het aangezicht van een verslaafde. 

"Een sprookje is als een pittoresk huis, maar op de deur hangt er een bordje met het opschrift 'landmijnen!'" aldus de Zweedse choreograaf Mats Ek (1945) die in 1996 zijn choreografie Sleeping Beauty in première zag gaan bij het The Hamburg Ballet. Daar lijkt weinig bijzonders aan aangezien Sleeping Beauty - op de gelijknamige Romantische muziek van Tsjaikovski -  al sinds jaar en dag deel uit maakt van het balletcanon. In de choreografie van Ek is ons aller Aurora geen lieflijke prinses meer die door een vervloeking door een heks de prik van een spinnewiel moet bekopen met een diepe en eindeloze slaap. Een slaap waaruit zij slechts ontwaakt na de true love's kiss van haar prins op het witte paard. Nee, in de wereld van Ek is Aurora een verwend tienernest met rebelse trekken die door een foute vriend verslaafd raakt aan de heroïne. Op de klassieke muziek van Tsjaikovski ontspint zich een realistischer verhaal  dan het sprookje van prinses Aurora en is het maar de vraag of deze verslaafde slaapster een happy end zal kennen. Over landmijnen gesproken...

Brave new world
Achttien jaar later kiest het Nederlands Dans Theater (NDT) ervoor om Ek's choreografie in Nederland in première te laten gaan. Wanneer je dit 110 minuten durende moderne ballet in ogenschouw neemt, is het niet moeilijk te begrijpen waarom. Ek geeft een realistische, donkere draai aan een bekend verhaal en grijpt meteen de gelegenheid aan om een klassiek ballet om te vormen tot een modern ballet. Het NDT pakt de (verhalende) choreografie met verve op. Het NDT - we weten het inmiddels natuurlijk al - is van hoog niveau en dat laten ze in Sleeping Beauty wederom zien. Ditmaal ook via de gezichtsexpressie en het acteren wat bij de choreografie van Ek hoort. Ek kiest er bewust voor om de grens tussen publiek en bühne te overschrijden en is ook niet vies van een lolletje her en der. Bijvoorbeeld door een pastiche op de oorspronkelijke klassieke choreografie van Sleeping Beauty. Dit alles zorgt ervoor dat Sleeping Beauty uitermate vermakelijk is en de tijd voorbij vliegt. Daarbij is het natuurlijk ook leuk om de oorspronkelijke karakters in deze moderne versie terug te vinden. De feeën met al hun onderlinge onhebbelijkheden zijn er nog steeds, maar dan meer als peetmoeders en hun kleine Aurora wordt het hof gemaakt door allerlei verschillende types om uiteindelijk aan een fout heroïnevriendje ten prooi te vallen. Erg sympathiek is deze Aurora overigens niet. In een enkele recensie valt kritiek te lezen op de wel erg duidelijk verhalende choreografie alsof dat iets van het verleden zou moeten zijn en er alleen nog maar impressionistische choreografie zou moeten zijn die het publiek continu laat gissen naar wat er aan de hand is. Het was wel weer eens verfrissend om gewoon in één oogopslag te zien wat er aan de hand was.

Tand des tijds
Echter heeft op een ander onderdeel de tand des tijds wel degelijk toegeslagen en dat is de impact van het verhaal. Waar in 1996 de transformatie van Schone naar Verslaafde Slaapster vast wat ongemak bij het publiek los zal hebben gemaakt, wordt het in deze tijd van oorlog en terrorisme allemaal als minder heftig worden ervaren. Dat doet natuurlijk afbreuk aan het shock effect van Sleeping Beauty,  maar er blijft gelukkig nog veel te genieten! Het NDT kan dus terugkijken op een zonder meer geslaagde seizoensopening waarbij de een verslaafde Aurora gewoonweg de voorkeur geniet boven de klassieke prinses Aurora!

 
Het Nederlands Dans Theater (NDT) voert van 8 oktober tot en met 29 november 'Sleeping Beauty' naar een choreografie van Mats Ek uit. Klik hier voor de speellijst en het bestellen van kaarten. Deze recensie is gebaseerd op de uitvoering van 9 oktober 2014.

dinsdag 7 oktober 2014

Bij-zonder vervreemdend: 'De Bijen' van Laline Paull


Laline Paull brengt een fascinerende, maar ook vervreemdende wereld van bijen tot leven. Een totalitaire wereld waar het collectief het individu vermorzelt, maar de eenzame en bij-zondere Flora 717 verlossing brengt voor zowel de bijenkorf als de lezer. 

Terwijl een tekort aan bijen dreigt en daarom in grote delen van Europa gewassen daarom verstoken blijven van bestuiving, kan wat aandacht voor dit onbegrepen insect geen kwaad. Na het non-fictie boek Een verhaal met een angel (A Sting in the Tale) van Dave Goulson over hommels is recent ook de roman De Bijen van de Brits-Indiase Laline Paull verschenen. Daar waar het boek van Goulson het verhaal van de hommel vertelt, ontmoet de lezer in de roman van Paull de werkbij Flora 717. Deze Flora is niet meer dan een schoonmaker en bungelt daarom onderaan het totalitaire systeem van de bijenkorf. Een systeem waar de koningin verheven als een godin over haar onderdanen regeert, maar tegelijkertijd door haar coterie wordt afgeschermd van diezelfde onderdanen. Maar deze Flora is geen gewone bij en zij zal uiteindelijk de hele bijenkorf op stelten zetten en tegelijkertijd instrumenteel zijn in de redding ervan.

Naar volkje die bijen
De lezer wordt meteen diep in de bijenkorf geworpen door Flora vanaf haar geboorte van dichtbij te volgen. Een geboorte die overigens tot weinig jaloezie leidt, omdat zij ter wereld komt als schoonmaker en daarom een positie op de allerlaagste trede van de sociale rangorde bekleedt. Een rangorde die bij bijen geen uitzondering kent en waarbij alles ten dienste staat ter meerdere eer en glorie van de koningin. Afwijkingen worden niet getolereerd en eindigen steevast in eliminatie van de betreffende bij. Ook Flora wijkt af, maar wordt door een bij uit één van de hoogste klassen herkend als iets bijzonders en daarom onder haar hoede genomen. De lezer volgt de ontwikkelingen van Flora op de voet en leert de bijenkorf van binnenuit kennen en wordt steeds (onaangenaam) verrast door de gevolgen van het bij-zondere totalitaire systeem. Tegelijkertijd wordt ook de wereld buiten de bijenkorf - de Myriade - inzichtelijk vanuit het gezichtspunt van de bijen. Een wereld waar bijvoorbeeld wespen net zo hard gehaat worden door bijen als door mensen en het bestuiven van bloemen het hoogste doel is om de bijenkorf te voeden. In die wereld moet Flora zien te overleven en neemt ze telkens een andere rol aan wanneer keer op keer blijkt dat haar mogelijkheden groter zijn dan haar afkomst. Mogelijkheden die haar dichtbij de koningin brengen en de beschermde koninklijke status duidelijk maken. Een status die continu in de gaten wordt gehouden ter voorkoming van de verspreiding van ziekten. Want dan is ook de koningin niet onfeilbaar en is haar einde nabij.  

En ook nog een vervreemdend volkje
Paull slaagt erin om een roman over bijen - zover het natuurlijk door een leek beoordeeld kan worden - levensecht te maken en de fascinatie voor deze wereld aan te wakkeren. Een fascinatie die overigens ook zeer vervreemdend werkt, want het systeem waarbinnen de bijen werken, heeft (uiteraard) geen menselijke trekken. Sterker nog: hoe dieper je als lezer betrokken raakt bij de wereld van de bijen, hoe meer vervreemdend deze wereld wordt. Daarmee is Paull niet in de al te makkelijke val getrapt om de bijenkorf menselijke trekjes te geven en daarmee de bijen niet meer te maken dan menselijke substituten. Tegelijkertijd neemt Paull daarmee het risico dat de lezer afhaakt, want waar zit de herkenbaarheid nog in een verhaal dat uiteindelijk toch alleen maar over bijen gaat? Het is moeilijk om die fascinerende vervreemding te beschrijven, behalve door te stellen dat Paull in haar opzet is geslaagd om een realistisch (?) portret van een bijenkorf te creëren waarbij de "personages" in feite niets betekenen, maar toch indruk maken op de lezer. En misschien ligt het uiteindelijk wel aan de beschrijving van het totalitaire systeem dat - althans op die schaal - voor mensen niet voor te stellen is, maar wellicht ook weer niet een onmogelijkheid is. Paull heeft daarmee een bij-zondere roman geschreven die het lezen meer dan waard is. En grote kans dat de lezers van De Bijen zich nog eens gaan inzetten voor het behoud van de bijen in ons land. 

'The Bees' van Laline Paull is in een vertaling van Hien Montijn als 'De Bijen' in september uitgegeven door Uitgeverij Cargo | De Bezige Bij. Bestellen kan hier

vrijdag 3 oktober 2014

Concert 2 oktober 2014: Schønwandt's Scandinavische feestje

Michael Schønwandt en Alexander Gavrylyuk in repetitie (foto: Koninklijk Concertgebouworkest)

Sibelius: Pohjola's dochter
Rachmaninoff: Pianoconcert Nr. 2
Nielsen: Symfonie Nr. 4 "Het onuitblusbare" 

Alexander Gavrylyuk (piano)
Michael Schønwandt, Koninklijk Concertgebouworkest
Het Concertgebouw, Amsterdam

Michael Schønwandt laat het Koninklijk Concertgebouworkest stralen in Sibelius en Nielsen en geeft pianist Alexander Gavryluyk alle ruimte in Rachmaninoff's Tweede Pianoconcert.

De Oekraïense pianist Alexander Gavrylyuk (1984) is niet van het meanderende type. Vol vuur werpt hij zich (bijna letterlijk) in zijn piano en laat de klanken van zijn instrument immer intens klinken. Het lyrische en technisch lastige Tweede Pianoconcert van Sergej Rachmaninoff (1873-1943) is daarom zonder meer zijn cup of tea. Dit hoewel een eerdere ontmoeting tussen Gavrylyuk en Rachmaninoff wat minder verliep. In maart 2013 was Gavrylyuk ook al te gast bij het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO), maar toen met Vladimir Jurowski op de bok. Het overenthousiaste en bij tijd en wijle te harde spel en met name een verkeerde balans tussen orkest en solist zorgden voor een massieve muur van muziek die niet meteen naar meer deed smaken. De combinatie met Michael Schønwandt (1953) ligt de technisch begaafde Gavrylyuk een stuk beter. Schønwandt benadrukte in het Concertgebouw gisteravond het lyrische van Rachmaninoff en gaf tegelijkertijd alle ruimte aan de solist. Slechts op enkele punten, met name in het soeverein openende eerste deel, was de balans wat zoek en was Gavrylyuk zichtbaar hard aan het werk zonder dat het echt hoorbaar was. De neiging om de uitvoering wat trager te nemen waardoor de moeilijkheidsgraad wat afneemt, werd bewust nagelaten. En natuurlijk was daar ook het beroemde en meest lyrische deel van het pianoconcert: het tweede deel dat tevens befaamd dienst doet als soundtrack voor de Britse filmklassieker Brief Encounter (1945) van David Lean. Het publiek van het Concertgebouw werd daarom een stuk beter bediend door de combinatie Gavrylyuk/Rachmaninoff dan de vorige brief encounter en kon Gavrylyuk het grote applaus nu met recht in ontvangst nemen.

Een Scandinavisch feestje
En hoewel bij een dergelijk programma de klassieker van Rachmaninoff in de regel het (bedoelde) hoogtepunt is, viel er ditmaal 'aan de rafelranden' wel heel erg veel te genieten. En dat heeft alles te maken met Schønwandt. De Deen Schønwandt heeft zijn vak in Denemarken geleerd, maar was tot de opheffing ervan in 2013 ook chef-dirigent van de Radio Kamer Filharmonie. In 2010 viel hij bij het KCO succesvol in toen de Rus Temirkanov uitviel en dat smaakte naar meer. En wie de lange en imposante Schønwandt op de bok met zichtbaar plezier ziet dartelen, zal dat zonder meer begrijpen. Want met de keuze voor de Fin Sibelius en de Deen Nielsen maakt Schønwandt er een Scandinavisch feestje van. Een feestje dat extreem goed uit de startblokken kwam door een werkelijk geweldige uitvoering van Pohjola's dochter van Jean Sibelius (1865-1957).  Dit toondicht gebaseerd op het Finse epos Kalevala waarbij een oude man taken uitvoert voor 'de dochter van het Noorden (Pohjola)'  maar daar uiteindelijk in faalt en zijn weg daarom alleen moet vervolgen. Het knappe aan Schønwandt is dat hij het aanwezige lyrische vermogen van de KCO-spelers verder modelleert zich eigen maakt. Met groot oog voor de diverse stemmen in het orkest weet hij in werken zoals dit toondicht een prachtige balans te vinden en op het goede moment de juiste orkestrale nadruk te laten horen. Een nadruk die zorgvuldig wordt opgebouwd waardoor solopartijen of orkestrale secties doorklinken in een lyrische mist van muzikale schoonheid.

De wil tot leven
Schønwandt toont zijn roots door de Vierde Symfonie van zijn landgenoot Carl Nielsen (1865-1931) ten gehore te brengen. De symfonie heeft als bijnaam 'Het Onuitblusbare' gekregen en is voor Nielsen de muzikale vertaling van de wil tot leven die in zijn ogen net als muziek onuitblusbaar is. Wie de vier delen van dit spetterende werk naadloos in elkaar hoort overgaan, zal dat zonder meer met de componist eens zijn. Nielsen is voor deze recensent een wat onbekende componist, maar de wervelende uitvoering door het Koninklijk Concertgebouworkest onder Schønwandt doet smaken naar meer. Ook hier wist Schønwandt continu de goede balans vinden in het orkest, maar ook tussen lyriek en dynamiek wat zorgde voor een opwindende uitvoering. En wie de slagwerkers van het KCO aan weerszijden van het podium bezig zagen in een soort muzikale strijd in het laatste deel van deze symfonie zal dat gevoel alleen nog meer hebben gehad. Een groots applaus viel Schønwandt daarom terecht ten deel. Laten we hopen dat we Michael Schønwandt nog veelvuldig bij in Nederland en bij het Koninklijk Concertgebouworkest terug zien. 

Mijn eerdere recensie van Alexander Gavrylyuk's uitvoering van Rachmaninoff's Derde Pianoconcert is hier terug te lezen.

Schønwandt in actie bij de Radio Kamer Filharmonie met de 'Karelia-suite' van Sibelius:


Onder leiding van Michael Schønberg en met medewerking van pianist Alexander Gavrylyuk voert het Koninklijk Concertgebouworkest op 2 en 3 oktober 2014 een programma van Sibelius, Rachmaninoff en Nielsen uit. Kaarten bestellen kan hier. Deze recensie is op basis van de uitvoering van 2 oktober.